Home Stemhokje: "Niet voor ongedocumenteerden"





Voor het recht op bestaan: Terugslaan terugslaan terugslaan!

Al een maand zit een groep afgewezen vluchtelingen in een tentenkamp tegenover het Centraal Station in Den Haag. Ze hebben besloten om vol te houden. Volhouden dat zij net zo veel recht hebben om hier in dit land te zijn als wij. Het antwoord van Leers is als dat van al zijn voorgangers: “Terugkeer, terugkeer, terugkeer”.

De burgemeester van Den Haag, van Aartsen, doet zijn best om Leers van dienst te zijn en het de volhouders in het tentenkamp Recht op Bestaan zo onmogelijk mogelijk te maken. Alles wordt verboden en gecontroleerd. De politie treitert en intimideert voortdurend. Regen of wind, beschutting is niet aan de orde. Al meerdere malen blies een storm het kamp omver. De volgende dag werd het weer opgebouwd. Toch heb ik met de volhouders geen medelijden. Geen medelijden, omdat ik respect heb voor hun volharding. Medelijden hebben zou hen tekort te doen, en respect is nog zacht uitgedrukt. Ik heb er bewondering voor. Doe het hen maar eens na.

“We zitten hier liever in de regen, dan in de kogelregen in Irak” zeggen ze, en “Als je nat bent, heb je geen last van de regen”. In de avonduren komen ze bijeen en zingen en vertellen verhalen. Op andere momenten zal hen het huilen nader staan, slaat de moedeloosheid toe, de wanhoop. Is er toekomst voor hen in dit land? Ik betwijfel het. Ligt er voor sommigen van hen misschien een verblijfsvergunning in het verschiet, dat verdomde papier dat je nodig hebt om hier te kunnen blijven? Waar kan een mens in geloven, als hij wordt opgejaagd en opgesloten? Dat de sympathisanten die het kamp ondersteunen hen aan dat felbegeerde document zullen helpen? Alsof zij bij machte zouden zijn... hoeveel goede wil en steun er ook is.

In Amsterdam is ook een kamp. In tegenstelling tot het kamp in Den Haag kwam dit kamp tot nu toe veel in de publiciteit. Maar wil je wel zulke publiciteit? 'Asielzoekers eisen WC', zo las ik in een krantenkop. Maar daar gaat het toch niet om? De eis is: Recht op Bestaan! Daar gaat de strijd toch om? De strijd gaat om rechtvaardigheid, de strijd gaat om menselijkheid, solidariteit. Het gaat erom, dat geen mens illegaal mag worden verklaard, enkel omdat die van een ander land komt dan het land waar hij of zij zich nu bevindt.
Het gaat erom, dat óók als iemand niet terug wíl, dat geen dwang mag worden toegepast door deze Nederlandse Staat die van uitbuiting van gevluchtte mensen uit arme landen rijk is geworden. Deze kolonialistische Staat die binnenhaalt wat het gebruiken kan, grondstoffen, productie, kennismigranten, en dumpt wat onwenselijk is, armoede, pijn, angst.
Het gaat erom, dat al die mensen een speelbal zijn van de Europese naties, de speelbal die Dublin akkoord heet. En dat prachtige Fort Europa dat binnen en buiten haar grenzen mensen als poppetjes heen en weer schuift en laat creperen in hun controle mechanismes, dat prachtige Fort Europa kreeg afgelopen week de Nobelprijs voor de Vrede...

Die hele Nobelprijs is geen knip voor de neus waard! Deportaties zijn aan de orde van de dag, massaal en gewelddadig, individueel en stiekem, niets- en niemandontziend. De EU voert een stille oorlog tegen migranten die een beter heenkomen zoeken. Frontex laat mensen verzuipen in de Middellandse Zee, mensen plegen zelfmoord door zich in brand te steken, zieken sterven een langzame dood op straat en in detentiecentra. Wat een vrede! Nee, het is oorlog, en in oorlogsituaties hebben mensen het recht zichzelf te verdedigen, zelfs om in de aanval te gaan. Leers' “terugkeer, terugkeer, terugkeer” zal dan ook op niks anders mogen rekenen dan “terugslaan, terugslaan, terugslaan, en vooral : niet weggaan”!

Terugkeer, noemt Leers het, als hij deportaties bedoelt. Er is een heuse dienst voor in het leven geroepen: de Dienst Terugkeer en Vertrek die ik in de loop der jaren de Dienst Terreur en Verrek ben gaan noemen. Terreur, omdat van Terugkeer geen sprake is, al zeker niet vrijwillig, door de voortdurende chantage met leven op straat of in gevangenschap. Verrek, omdat vertrekken verreken betekent, ergens in een land waar je niks meer te zoeken hebt, al is het alleen maar omdat je het hier gezocht hebt, omdat je de moeite hebt genomen om hier te komen voor zulke simpele dingen als werk, woning, rust, eten. Niks geen kogels om je kop, bomexplosies, vervolging om politieke of religieuze reden, voedseltekorten door droogte of overstroming. Gewoon, leven. Recht op Bestaan.

Als ik die mensen in die tentenkampen zie, en dan om me heen kijk, dan zie ik de rijkdommen om ons heen die door 'onze' regering met zoveel verve worden verdedigd tegen die mensen in die tentenkampen, alsof zij dieven zijn, uitschot, verschoppelingen. Ik loop met hun demonstraties mee door de straten van Den Haag, omdat dat het minste is wat ik kan doen. We lopen door het stadscentrum met winkels vol luxe en overdaad, langs fraaie gevels met daarachter banken en makelaarskantoren, alles in stand gehouden door het kapitaal van dit land. Ik zie winkelend publiek met tassen vol naar de demonstratie kijken, luisteren naar de leuzen en het handen klappen. Die gapende blik, dat ongeloof. De kracht en de spirit van mensen die niks hebben, ze begrijpen het niet. Nooit zullen ze het begrijpen. Wat ze begrijpen is de verspilling in restaurants en supermarkten, de wegwerpmaatschappij die ik op mijn beurt niet begrijp. Wat ze begrijpen is de glitter reality op hun flatscreen, het touchscreen van hun I-pod, I-phone, alles met de letter I ervoor, ofwel 'IK'. Dat ver-van-mijn bed nu bij hen op de stoep zit, verandert hier niks aan.

De demonstraties in Den Haag konden tot nu toe op geen enkele publiciteit rekenen. Ze zijn te strijdbaar om aandacht aan te besteden. Teveel 'in your face', want de volhouders in de tentenkampen die de winter inmiddels aan zien komen, vertegenwoordigen iets dat de mainstream media niet in hun vijftien seconden beeld kunnen vatten: moed. Moed, terwijl alles in de richting wijst van een vergeefse poging. De Dienst Terreur en Verrek stuurt doodleuk een brief naar het tentenkamp in Den Haag, waarin de Dienst onderdak biedt, maar dan moet er wel worden meegewerkt aan terugkeer. Maar de strijd gaat niet om het schamel onderdak van een kale kamer in een Vrijheid Beperkende Locatie tot het vliegtuig vertrekt, net zo min als dat het ging over een WC. De strijd gaat om Recht op Bestaan.

De Dienst Terreur en Verrek is nog zo vriendelijk om te stellen dat “het enkele feit dat u illegaal in Nederland bent er niet toe zal leiden dat u na dit gesprek in vreemdelingenbewaring zal worden gesteld”. Het is een hele geruststelling, zo lijkt het. Maar voor vreemdelingenbewaring zijn de mensen in het tentenkamp niet eens zo bang. Het zou niet de eerste keer zijn. Nee, het ergste aan hun situatie is dat vreemdelingenbewaring slechts één van de twee kwaden is, waaruit het 'kiezen' is: de straat of de cel. Met dank aan, en dat kan niet genoeg benadrukt worden, PvdA staatssecretaris Albayrak die alle noodopvang sloot. Zij vervolmaakte de afpersing van mensen zonder papieren. Van een andere regering hoeft dan ook geen ander beleid verwacht te worden. En daarom is de actie van de vluchtelingen zo bewonderenswaardig en moedig: er valt niets te verwachten, er valt nergens op te hopen. Het doel van de actie, het zichtbaar maken van de vele verloren levens, is bereikt. En wat nu?

Dit is waar wij, die een thuis en een bed hebben, in actie zullen moeten komen. Om ervoor te zorgen dat de volhouders in regen, sneeuw en vorst de komende winter zich niet alleen aan materiële zaken als dekens, tenten, kachels, warme kleding en voedsel kunnen warmen, maar ook aan een groeiend aantal krachtige solidariteitsacties die ervoor moeten zorgen dat niemand de andere kant op kan kijken, dat zij niet vergeten en veronachtzaamd kunnen worden. De vluchtelingen in de tentenkampen hebben besloten niet meer te vluchten, maar te vechten, niet meer zich te verschuilen, maar zich te vertonen . Het is een gevecht in een oorlog die de Staat tegen hen voert. Een Staat die over kapitalen beschikt om die oorlog te voeren, maar zegt dat er geen geld en geen plaats is voor mensen die een leven op willen bouwen. Wat zijn de wapens van de vluchtelingen? Hun zichtbaarheid, hun tenten, hun verhalen, hun gezicht. Wat zijn onze wapens? Minstens: een grote bek, een geheven vuist, een spandoek, het bestormen van een startbaan vanwaar een vliegtuig met onwillige passagiers vertrekt... Wie zal het zeggen? Misschien is er wat moed voor nodig, al is het maar het ondergaan van de hoon van zoveel mensen die vinden dat zij meer rechten hebben en dat wij gek zijn om het op te nemen voor mensen zonder verblijfsvergunning, een klap van een gummiknuppel, een cel voor een dag. Dan nog, we mogen niet zwijgen, niet de stilte het opnieuw laten overnemen van het rumoer! Zodat de zichtbaarheid, die de ongedocumenteerde medemensen nu hebben opgeëist en gewonnen, op een dag ergens toe zal leiden. Is het niet deze winter, dan de volgende, of de volgende. Schreeuwen, vechten, muren slechten. Terugslaan terugslaan terugslaan. Voor niets meer en niet minder dan het Recht op Bestaan.

Joke Kaviaar, 14 oktober 2012